Omhoog Wijzigingen Actualititeit en Bijbel Europese al. v/d zondag Europese Unie Europa en Daniël Waarom een visje? Een gezegend 2012

Geloven volgens de Bijbel

De Bijbel als dé bron hét ijkpunt

 

De Europese Unie en de genezing van de dodelijke wonde

Er zijn twee dingen die de ambtelijke Katholieke Kerk, het pausdom, haat. Als wij dus in het verdere verloop van dit hoofdstuk verwijzen naar de ambtelijke Katholieke Kerk, dan bedoelen wij daarmee niet de katholieke parochie met zijn

plaatselijke pastoor en de lidmaten van een Katholieke Kerk. Het gaat ons hier om die hogere niveaus in de Katholieke Kerk rondom het pausdom, om de ambtelijke top van de kerk. Er zijn twee dingen die de ambtelijke Katholieke Kerk meer haat dan enig ander ding en die zijn:

- het ware protestantisme;

- de liberale democratie.

Vooral dat het laatste, de liberale democratie en de grondbeginselen waar zij op rust, neemt zelfs in een land als Polen, waar 98 % van de bevolking katholiek is, door deze grondbeginselen de macht van de kerk af. De kerk doet dus al het

mogelijke om de liberale democratie aan haar einde te helpen, maar daarbij heeft zij niet altijd de steun van de katholieken. De meeste katholieke gelovigen zijn net als andere burgers voorstanders van de liberale democratie. De ambtelijke

Katholieke Kerk moet dus een strategie ontwerpen om de liberale democratie omver te werpen en op deze manier de weg vrij te maken voor het verwezenlijken van haar doelstellingen. Ellen White zegt het op deze manier:

“Een aanwijzing dat het einde nabij is - Door het bevel dat de instelling van het pausdom macht verleent om de wet van God te schenden, zal onze natie zich volkomen losmaken van alle rechtvaardigheid. Wanneer het protestantisme zijn hand over de kloof zal uitstrekken ten einde de hand van de roomse macht te grijpen, wanneer het zich over de afgrond zal strekken om met het spiritisme de handen ineen te slaan, wanneer onder de invloed van dit drievoudig verbond, ons land elk beginsel van zijn grondwet als een protestantse en republikeinse staatsvorm overboord zal gooien, dan kunnen we weten dat de tijd gekomen is voor de wonderlijke werking van satan en dat het einde nabij is. Zoals de nadering van de Romeinse legers voor de discipelen een teken was van de op handen zijnde verwoesting van Jeruzalem, zo zal deze afval een teken voor ons zijn dat de grens van Gods lankmoedigheid is bereikt, dat de mate der ongerechtigheid van onze natie vol is, en dat de engel der genade op het punt staat weg te vliegen om nooit terug te keren. Het volk Gods zal dan gedompeld worden in die tonelen van kwelling en wanhoop die door de profeten beschreven

zijn als de tijd van Jacobs-benauwdheid. De kreten van de gelovigen die vervolgd worden, stijgen op ten hemel. En zoals het bloed van Abel riep van de aarde, zijn er ook stemmen die vanuit de graven der martelaren, vanuit de diepten der zee, vanuit de holen der bergen, vanuit kloostergewelven tot God roepen: “Hoelang, o heilige en waarachtige Heerser, oordeelt en wreekt Gij ons bloed niet aan degenen die op de aarde wonen?” (Schatkamer deel 2, p. 157”

Woorden kunnen niet duidelijker zijn. De naderende voortekenen moeten gezocht worden in het opzij zetten van de protestantse en republikeinse regeringsvorm. Dat zal vrije baan maken voor alle euvels. De ambtelijke Katholieke Kerk

steekt dat ook niet onder stoelen of banken.

De Katholieke Kerk een soevereine macht

Wij zullen de houding van de Katholieke Kerk tegenover de liberale democratie nooit begrijpen als wij niet inzien dat de ambtelijke Katholieke Kerk, het pausdom, de kerkelijke hiërarchie, soevereine macht (oppermacht) heeft. De ambtelijke kerk ziet zichzelf als soevereine macht. Dit blijkt uit het feit, dat zij zichzelf ziet als wetgevende, uitvoerende en rechtsprekende macht.

“Het vraagstuk van de Katholieke Kerk en haar verhouding tot de moderne staat is zulk een groot probleem dat een korte bespreking gemakkelijk tot verwarring kan leiden. Ik kan hier dan ook slechts enkele hoofdfeiten vermelden om de

lezers daarmee een basis voor eigen oordeel te geven. Het is misschien het eenvoudigst dit te doen in de vorm van het stellen van enkele elementaire vragen.

Is de Katholieke Kerk een soevereine macht? Volgens de katholieke theologen is zij dat inderdaad. Zij bezit namelijk de drie factoren die de soevereine macht bepalen: de wetgevende, de uitvoerende en de rechtsprekende macht, met inbegrip van de macht tot dwang. De vorst van de kerk, de paus, verklaart dat hij zijn soevereiniteit bezit bij de genade Gods, en hij is dan ook het hoofd van een kleine staat, de Vaticaanse staat die in 1929 bij de Lateraanse Verdragen met Mussolini werd opgericht. Deze Vaticaanse staat wordt door hetzelfde radar-werk geregeerd, dat ook het bestuur op het gebied der geloofszaken geloofszaken over de kerk heeft. ‘De Heilige Vader is niet alleen de hoogste gezagsdrager van de Katholieke Kerk. Hij is bovendien het hoofd van een soevereine staat. Achtendertig landen hebben gezanten bij de heilige stoel.’ Dat was de verklaring die kardinaal Spellman op 12 maart 1940 aflegde, toen de benoeming van Myron C.Taylor als persoonlijk vertegenwoordiger van president Roosevelt bij het Vaticaan in discussie kwam. Op dat tijdstip hadden bijna alle landen ter wereld, behalve de Verenigde Staten en de Sovjet Unie, geaccrediteerde

diplomaten bij het Vaticaan.” Paul Blanshard, Vaticaan en Vrijheid, p. 43

Blanshard maakt in zijn boek duidelijk dat het grondbeginsel van de liberale democratie, d.i. dat het volk zelf de wetgever is, een regering door, voor en met het volk, door het pausdom niet aanvaard wordt, noch aanvaard kan worden.

“Het is op zichzelf niet verkeerd”, schreef (paus) Leo XIII in zijn encycliek over de menselijke vrijheid, “een democratische regeringsvorm te prefereren wanneer de katholieke leerstelling ten aanzien van de oorsprong en de uitoefening

van de macht maar gehandhaafd blijft.” Wanneer een democratie de kerk begunstigt, tolereert de hiërarchie haar; wanneer zij zich tegen de kerk richt, bewijst dat, dat de regering goddeloos is en dat het haar ontbreekt aan het noodzakelijk goddelijk gezag. Als een Spaanse democratie de Jezuïeten verdrijft en de kerkelijke eigendommen seculariseert, dan staat ze buiten de wet.

Wanneer de Nederlandse democratie alle katholieke scholen steunt met het geld van de belastingbetalers, dan wordt haar goddelijk recht van regeren aanwezig geacht. Achter de katholieke theorie over kerk en staat vindt men de gedachte

dat de staat verheven is boven het volk. Zij is niet het volk zelve en zij drukt de algemene verlangens van het volk niet zo goed uit als de kerk dat doet. De kerk ontwikkelde haar filosofie over kerk en staat toen de regeringen bestonden uit groepen edelen en patriciërs. De kerk was toen een van die bevoorrechte klassen die over het volk regeerden, en die dat toezicht deelde met andere bevoorrechte klassen. Door zijn Middeleeuwse tradities handelt de kerk in de hedendaagse democratische staten nog steeds alsof zij het katholieke volk moet beschermen tegen zijn eigen regering. Zij weigert toe te geven dat de kerk op sociaal terrein maar een onderdeel van de staat is, en dat de staat de wil van het volk in zijn geheel vertegenwoordigt.

Er ligt een opvallende scherpzinnigheid in deze houding ten opzichte van deze democratische staten. Wanneer de hiërarchie eenmaal toe zou geven dat de opperste soevereiniteit volledig bij het volk berust, zou dat alle mogelijke consequenties kunnen hebben. De staat immers zou dan met recht zijn zeggenschap over vele gezagsgebieden kunnen uitstrekken, die nu door de kerk worden opgeëist. Vanwege dit gevaar prijzen de Amerikaanse katholieke bisschoppen de democratie met de belangrijke geestelijke reserve, dat de werkelijke bron van gezag van de Amerikaanse regering en van alle regeringen God is, en niet het volk. En wanneer de bisschoppen in dit verband de naam van God noemen, bedoelen ze daarbij niet de algemene en niet aan een sekte verbonden Godheid van allen; dan bedoelen zij de speciale katholieke Godheid, die via de Heilige Petrus het roomse primaatschap instelde, zoals dat thans belichaamd

is in de paus, die meedogenloos alle bewuste ongelovigen veroordeelt tot eeuwige verdoemenis.

In deze theorie wordt de grens van het gezag van het volk niet door het volk bepaald, maar door de dienaren van de rooms-katholieke Kerk. Daarom is de hiërarchie er toe geneigd zich te weer te stellen tegen de uitbreiding van het gezag van de staat, omdat daardoor de moderne staat natuurlijkerwijze in zou grijpen op kerkelijk gebied. Deze vrees voor de moderne democratische staat is een van de redenen waarom men in de gehele katholieke literatuur geen enkele onherroepbare en door de paus uitgesproken goedkeuring van de democratie als de beste vorm van bestuur kan vinden. De pausen spreken dikwijls in goedkeurende zin over bepaalde aspecten van de democratische regeringsvorm, maar zij kunnen zich niet veroorloven iets te zeggen dat men zou kunnen gebruiken om een democratische regering te steunen in haar strijd voor het openbare onderwijs of voor de scheiding van kerk en staat. Pausen veroordelen dikwijls de ‘tirannie’ en de ‘totalitaire methoden’ van een regering, maar dat kunnen zij politiek gezien veilig doen omdat het hen daarmee nog geen specifiek dictator doet verwerpen. In wezen is het de kerk onverschillig of zij te doen heeft met een absolute of een democratische vorm van landsbestuur, verklaart The Catholic Action Manual. Historisch gezien heeft de kerk zowel in katholieke als in niet-katholieke landen nimmer opgehouden een agressieve staat in een staat te zijn. Zij eiste daarbij zoveel gebieden van het leven voor zich op als ze maar enigszins kon. Zij heeft in de democratische en maatschappelijk ingestelde staten met veel tegenzin die gebieden van culturele en maatschappelijke zorg laten varen, waarvan ze vroeger het monopolie bezat. Haar leiders hebben, hoewel zij veel prijs moesten geven voor de steeds voortgaande bemoeiingen van de democratische staat, immer de onwerkelijke stelling van Leo XIII hoog gehouden, dat er een natuurlijke levenskring voor kerk en staat is, en dat er vastgestelde grenzen tussen deze beide zouden bestaan. Geen enkele onafhankelijke politicus is ooit in staat geweest vastgestelde grenzen te ontdekken.” Vaticaan en vrijheid, p. 48,49

Paus Pius IX zond op 8 december 1864 een apostolisch rondschrijven de wereld in, waarin hij de gewetensvrijheid ‘waanzin’ noemde. De vrijheid van drukpers viel volgens de paus in dezelfde categorie. Volgens de paus is de volkssoevereiniteit een politiek beginsel dat indruist tegen het ‘gezonde verstand’. De hele encycliek is een oorlogsverklaring aan de liberale democratie. Zie het apostolisch rondschrijven, Quanta Cura 8-12-1864

In de strijd tegen de liberale democratie heeft de Katholieke Kerk in Europa nu gekozen voor de vlucht naar voren of liever gezegd voor de vlucht naar boven. Breng de West-Europese liberale democratieën bij elkaar, ga ze organiseren

op hoger niveau, schep een nieuwe staat. Dat is wat er gebeurde! Hier volgt een citaat: “De ‘zwakke’ en onvolmaakte staat, die de EG blijkt te zijn, vormt dus een gunstige voorwaarde voor een verdergaande Europese Gemeenschap en

nationale staat, van het staats handelen aan de marktsector.” Een verzamelband onder redactie van Ingeborg Tömmel, 1992 Amsterdam, p. 27

In 1957 werd de Europese Economische Gemeenschap gesticht bij het verdrag van Rome. In een hele serie kleine stappen werd dit uitgebouwd tot de Europese Unie, vastgelegd in het verdrag van Maastricht. De Unie heeft boven nationale wetgevende, uitvoerende en rechtsprekende macht. De Europese Unie is geen liberale democratie. Zij heeft geen parlement dat wetgevende bevoegdheid heeft; het Europese Parlement heeft zelfs niet de bevoegdheid tot het indienen van een wet. De wetgevende bevoegdheid van de Europese Unie ligt bij de Raad van Ministers, in verbinding met de Europese Commissie. In beide gevallen is zij uitvoerende macht, zowel de leden van de Raad van Ministers, als de Europese Commissie. Verder hebben wij een Hof van Justitie in Luxemburg, dat de rechtsprekende macht van de EU vertegenwoordigt en de uitspraken hiervan zijn bindend voor de nationale lidstaten. Het is dan ook geen wonder dat het ‘Verdrag van Maastricht’ door verschillende rechtsgeleerden en journalisten ‘een staatsgreep’ genoemd werd.

(Uit de Hoeksteen 63, blz.7-10)


DE ZONDAGSWET

“Onze zekerheid berust op de liefde tot de vrijheid die God in ons gelegd heeft. onze verdediging is de geest die de vrijheid als erfenis voor alle mensen in alle landen van de aarde op waarde schat. Als deze geest vernietigd wordt, legt men daarmee het zaad van tirannie voor eigen deur. Hierdoor maakt men zich vertrouwd met de ketens der gevangenschap en bereidt men de eigen ledematen erop voor om geketend te worden.

Als u eenmaal gewoon geworden bent de rechten van anderen met voeten te treden, hebt u ook de zin voor uw eigen onafhankelijkheid verloren, en valt u in de armen van de eerste de beste tiran die opstaat uit uw eigen midden.”

Abraham Lincoln