Maranatha! Kom, Here Jezus!
Daniël en zijn betekenis voor deze tijd, deel 2:
Hoofdstukken 8 en 9
Schema volgens Daniël 8
1. Het eerste rijk
Daniël 8:3,4: De ram met de twee ongelijke horens:
Daniël 8:20: De koningen der Meden en Perzen;
Medo-Perzië
Daniël 8:5-7: De geitebok met de opvallende horen: Daniël 8:21: De eerste koning
van Griekenland; Griekenland onder Alexander de Grote.
Daniël 8:8: De vier horens van de geitebok: Daniël 8:22: Vier koninkrijken zullen
uit dat volk ontstaan, doch zonder zijn kracht: De rijken van de uiteindelijk 4
generaals, die het in 311 v. Chr. eens werden over de verdeling van Griekenland in
de Seleucidische rijken.
Daniël 8:9: De kleine horen-1; Daniël 8:23-25: Velen zal hij verderven, ook het
volk der heiligen. Ook tegen de Vorst der vorsten (Jezus Christus) zal hij optreden.
Her Romeinse keizerrijk
Daniël 8:10-12 en 25: De kleine horen-2. Daniël 8:25: die zich groot maakt tegen
de vorst van het heer (Christus) en die een eredienst in overtreding zal instellen.
Doch zonder mensenhanden zal hij vernietigd worden: Het Pausdom van 538 - 1798
na Christus
Daniël 8:14: 2300 avonden en morgens, dan zal het heiligdom in rechten hersteld worden.
Sommige vertalingen schrijven "gereinigd" i.p.v. "in rechten hersteld"
Aan het einde van deze periode begon de hemelse tegenhanger van de grote verzoendag.
Vanaf dat moment zullen de levens van alle mensen vanaf Adam tot en met de levende
generatie worden geoordeeld. Daarna volgt een periode, waarin de aarde het zonder
bemiddeling van Christus moet stellen en waarin de Satan ongelimmiteerd zijn volgelingen
kan beïnvloeden.
Schema volgens Daniël 9:24-27
De zeventig weken, die bepaald zijn voor het Joodse volk:
Deze beginnen in het najaar 457 voor Christus, als na bevelen van Kores (Ezra 1:1,2)
en Darius I (Ezra 6:1-12) met het bevel van Artaxerxes I (Ezra 7:25,26) het teruggekeerde
volk Israël weer eigen rechters en regenten krijgt.
De indeling van de zeventig weken is als volgt:
- Daniël 9:25: Zeven weken: 49 jaar De opbouw vanaf najaar 457 voor Christus tot najaar
408 voor Christus
- Daniël 9:25: Tweeënzestig weken 434 jaar De periode vanaf najaar 408 voor Christus
tot najaar 27 na Christus.
- Dani:el 9:26 : De aankondiging van de dood van Christus en de verwoesting van Jeruzalem Najaar
27 na Christus wordt Jezus door Johannes gedoopt in de Jordaan en ontvangt de heilige
Geest.
- Dani:el 9:27 In de helft van de week zal hij slachtoffer en spijsoffer doen ophouden In
de helft van de week, Pasen van het jaar 31, sterft Jezus Christus de kruisdood,
waardoor de tempeldienst zijn taak verliest.
- De tweede helft van de week maakt de periode van 70 weken vol. Aan het einde van
de laatste week van de zeventig, najaar 34 na Christus, sterft de apostel Stephanus
door steniging, waarmee de Joodse leiders zich definitief afkeren van de Messias.
De 2300 avonden en morgens zijn evenveel jaren, die gelijk begonnen met de 70 weken.
Aan het einde van de 2300 jaren zou het heiligdom gereinigd/in rechte staat worden
hersteld. Deze periode eindigde in najaar 1844.
In de jaren daarvoor ontstond een grote opwekkingsbeweging, die juist het boek Daniël
en met name de profetie van de 2300 avonden en morgens ging bestuderen.
Na 1844 kwam het verzoenend offer van Christus weer meer in de belangstelling. Op
deze wijze werd het heiligdom in rechte hersteld.
Maar volgens Daniël zou op/vanaf dat tijdstip het heiligdom gereinigd worden.
Bij het Joodse volk werd het kerkelijk jaar afgesloten met de grote verzoendag, op
welke dag de hogepriester het heiligdom reinigde door de zonden van het verstreken
kerkelijke jaar op de zondebok te leggen, die symbolisch de zonden naar de woestijn
bracht.
O.i. is op de grote verzoendag in 1844 onze Hogepriester, de Messias in de hemelse
tempel begonnen met de tegenhanger van de Grote Verzoendag, inhoudende een oordeel
over Gods volk
Zie voor een verder begrip de beschrijving van de tempeldienst in Leviticus.
Na het voleindigen van het oordeel keert Jezus terug om Zijn broeders en zusters
op te halen. Dan zullen de overleden gelovigen van alle tijden opstaan en Hem met
de levende gelovigen tegemoet gaan in de lucht. Hierna begint een periode van 1000
jaar in de hemel. Na de 1000 jaar keert Christus met de gelovigen terug naar de aarde.
Satan zal dan nog een laatste poging doen zich meester te maken van het nieuwe Jeruzalem.
Dan wordt de aarde gereinigd van alles, wat aan de zonde herinnert. De vernieuwde
aarde is daarna voor eeuwig het domein van de gelovigen. Zij zullen de heerlijkheid
van God kunnen aanschouwen en toch blijven leven.
(Zie de pagina's over Openbaring 20 voor gegevens over het duizend jarig rijk)
Waarom zijn de 2300 avonden en morgens en de 70 weken geen echte dagen, maar in werkelijkheid
jaren?
Daarvoor zijn een aantal argumenten.
- Vers 17: "Versta, mensenkind, dat het gezicht doelt op de tijd van het einde".
- Vers 26: "Gij nu, houd het gezicht verborgen, want het slaat op een verre toekomst". 2300
echte dagen is een periode van iets meer dan 6 jaar, dus niet echt een verre toekomst.
- De 70 weken worden algemeen aanvaard als 490 jaar. (van najaar 457 voor Christus
tot najaar 34 na Christus.) Aangezien de 70 weken worden afgesneden van de 2300 avonden
en morgens, moeten deze eveneens jaren zijn.
- In Numeri 14:34 wordt al een voorbeeld gegeven van het dag=jaar principe. "Overeenkomstig
het aantal dagen, gedurende gij het land verspied hebt, veertig dagen, zult gij uw
ongerichtigheden veertig jaar lang boeten, voor elke dag één jaar". Ezechiël 4:6
leert: "dan zult gij de ongerechtigheid dragen van het huis van Juda; voor elk jaar
leg Ik u een dag op".
- Als het principe niet wordt toegepast, is er geen redelijke uitleg van de profetieën
mogelijk.
Voor de betekenis van de reiniging van het heiligdom zie de pagina over de Grote
Verzoendag.
Er zijn mensen, die menen, dat het offeren van een varken in de tempel door Antiochus
Epifanus, gedurende drie jaar en 10 dagen, dus ongeveer 1090 dagen, de hiervoor genoemde
periode beschrijft.
Dit is niet zo om de volgende redenen.
- Zie punt 3 hierboven. De 2300 avonden en morgens zijn geen dagen, maar jaren. Deze
periode uitleggen als 1150 dagen is dus ten ene male onmogelijk. Maar zelfs een periode
van 1150 dagen is niet te begrijpen als 3 jaar en 10 dagen, waarvan gesproken wordt
in het boek Makkabeeën.
- Daniël 8:4 zegt, dat de ram zich groot maakte; vers 8 zegt, dat de geitebok zich
bovenmate groot maakte, vers 9 zegt, dat de hoorn zeer groot zal worden. Dit zou
betekenen, dat Antiochus Epifanus groter zou moeten zijn dan Medo-Perzië en Griekenland.
Dit is zeker niet het geval met Antiochus Epifanus., want na een veldtocht tegen
Egypte moest hij zijn meerdere erkennen in de Romeinen.
- Vers 8 en 9 spreken over vier horens die oprijzen naar de vier windstreken des hemels
en dat uit één daarvan de horen voortkwam. Taalkundig is deze zin alleen uit te leggen
als uit één van de windstreken. De nieuwe horen komt dus niet voort uit één van de
vier horens en daarmee wordt ook hier Antiochius uitgesloten. Rome, het nieuwe wereldrijk
kwam inderdaad op uit het westen, één van de windstreken.
- Vers 24 vertelt ons, dat deze koning zal optreden in het laatst van het koningschap
van de vier horens. De vier horens (de Seleuciden) regeerden van 312-65 voor Christus,
Antiochus Epifanus regeerde van 175-164 voor Christus, dus niet in het laatst van
hun koningschap.
- Daniël 8:11 leert, dat de hoorn zich groot maakt tegen de vorst van het heer. Vers
25 vertelt, dat de hoorn zal optreden tegen de Vorst der vorsten. Zowel vers 11(de
vorst van het heer), als vers 25 (de Vorst der vorsten) spreken ons over de Messias.
- Vers 25 vertelt bovendien, dat de hoorn zonder mensenhanden vernietigd zal worden.
Aangezien Antiochus Epifanus werd vermoord, is het onwaarschijnlijk, dat dit vers
op hem slaat.
- Daniël 9:26 spreekt over de Messias, die in de helft van de week de offerdienst doet
ophouden.
- Daniël 9:27 plaatst de verwoester op een vleugel van gruwelen na de kruisdood van
Christus.
- Christus zelf verwijst in Matthéus 24:15 naar Daniël 9:27 in verband met de val van
Jeruzalem in het jaar 70. Jezus Christus zelf leert ons dus, dat de gruwel der verwoesting
in zijn tijd nog in de toekomst ligt. Een duidelijke aanwijzing, dat er niet wordt
verwezen naar Antiochus Epifanus.
Het hiervoor bedoelde offeren van een varken vond plaats van 168-165 voor Chr.
Twee vreemde tijdperken in Daniel 12
Gerekend vanaf de bouw van de Al-Aqsa moskee in 658 eindigen de 1290 jaren in 1948
(oprichting van de staat Israël) en de 1335 jaren in 1993 (Erkenning van de Joodse
staat door het Vaticaan en begin van het vredesproces), twee belangrijke jaartallen
met betrekking tot de staat Israël. Dit kan ook de betekenis zijn van de twee laatste
profetiesche tijdperken uit Daniël 12:12, te meer daar wordt gezegd, dat deze profetieën
gaan over Daniëls volk in de eindtijd .(Daniël 10:14)
De betekenis van de rest van het schema is, wat ons betreft, nog steeds onveranderd.
